Gran Terminal del Caribe in San José, bus naar Cariari. Overstappen op een oude Amerikaanse bus richting La Pavona. Full speed over de rivier naar Tortuguero – bekend van de schildpadden, maar ik zag er alleen overblijfselen. Misschien verorberd door een jaguar? Dat dier vertoeft in het nationaal park en durft zich al eens aan de uiterwaarden van het dorp te vertonen, er is een Calle del Jaguar en enkele lokale mensen toonden me filmpjes. Het is donderdag, ik verblijf bij Katia en Oscar. Overal luide, goede, tropische muziek. Ik zie voor het eerst de Carribische zee, het strand is bezaaid met wrakhout. Etentje bij Dona Maria, de eerste rijst met bonen (casado) in een lange reeks. Op vrijdag geniet ik van de krabbetjes in de tuin en het schouwspel van de spider monkeys die je dankzij het schuddende gebladerte al van ver het dorp ziet naderen – ze komen fourageren bij de buren. ’s Avonds een night walk met Rubier in het gezelschap van Walter en Olivier, twee (beren van) neven uit Montpellier. We zien een slangetje, spinnen, een opossum, kikkers, verschillende luiaards, een sperwer. Mooie oogst. Het eten nadien – bij Soda d’Leite – is lekker: een hele bordvullende Robalo, een vlezige zeebaars. Walter bestelt ook enkele lekkere hapjes. De dronken taferelen die we nadien in La Taberna aanschouwen zijn niet van die aard om er lang te blijven.





De ochtend nadien: bezoek aan het nationaal park. Vochtig, warm, rustig. De eerste kennismaking met de jungle. Ik loop Olivier en Walter weer tegen het lijf, we spotten een varaan, lopen enkele uurtjes rond, zien aapjes. Samen iets eten en drinken, de rest van de dag op het gemakje. Aanhoudende stortbuien ’s nachts. Zondagochtend vroeg: kanotocht. Dat is geen aangename ervaring: filevorming, een misselijkmakend gevoel van massatoerisme. Maar we spotten wel enkele liguanen! Om 13 uur spring ik op de boot richting La Pavona, de magie van Tortuguero is uitgewerkt.














Plaats een reactie