Van deze foto word ik instant gelukkig. Het Costa Ricaanse regenwoud, dicht tegen de grens met Nicaragua. Ik sliep er in een huisje zonder ramen, alleen muggengaas – maar dan wel van het stevige soort. Nauwelijks vijf meter verder stonden al de eerste tientallen meters hoge eeuwenoude bomen – de lucht gevuld met kreten van howling monkeys, tropische stortbuien die de hele nacht aanhielden, krijsende vogels, windstoten die het hele universum en de prehistorie in zich droegen. G-e-w-e-l-d-i-g.

Het had stevig geregend. Het waterpeil van de rivier was al een halve meter gestegen – randen waren aan het zicht onttrokken, een omgevallen boom in de rivier wachtte dra hetzelfde lot. Lichtjes opgewonden kwam ik een uurtje lang de boom op de achtergrond observeren. De dag voordien had ik er een coati gespot. Een magisch moment. Hoe die opdook uit het niets, alle takken besnuffelde – niet angstig of haastig, maar wel op zijn gemak, deze pizote zoals ze hier ook worden genoemd.

Natuurlijk bleef ik niet gespaard van alweer een flinke regenbui. Ik ging schuilen onder een van de walking palm trees wat verderop. In de buurt van die reusachtige almendro alwaar de typisch gifgroene en schelrode kikkertjes zich ophouden. Af en toe ging ik weer naar de brug. De pizote liet zich niet zien. Maar het was daar en dan dat ik voorgoed in de ban raakte van deze dichte begroeiing, die duizenden tinten groen, dit immer veranderende woud waar elke seconde miljoenen levende wezentjes druk in de weer zijn met leven en overleven. Te weten dat deze plekken er nog zijn. Dat ze zoveel kennis en geschiedenis herbergen, dat je er zoveel kan leren over patronen, evolutie, overlevingsstrategieën, de onderlinge relaties tussen al wat hier groeit, loopt, sluipt, kruipt, ademt, afsterft … Regen of niet: ik trok mijn stoute schoenen aan en waagde me dieper in het woud. Het majestueuze paddestoeltje dat we gisteren fotografeerden was intussen al van de aardbodem verdwenen – ik had het nog minstens een week hoogseizoen toegedicht. Terwijl ik me afvroeg wat er gebeurd was, hoorde ik plots een geluid linksachter mij. Ik draaide me om en dacht: vreemd hoe die slagtanden dan toch dat minimale middaglicht weerkaatsen. Immer in beweging, dit woud. Het bloed parelde warm langs mijn ruggengraat. Eindelijk een poema gezien. En toen werd het stil.

Plaats een reactie

Contact

Stuur een mailtje naar guybourgeois **apestaart** maguy.be

Latest posts