Vossen, dassen, reetjes, eekhoorntjes, hazen: naar Belgische normen leek dit wel een wildsafari. Een prachtige driedaagse. De vogeltjes: zwaluwen, witte kwik, geelgors, gekraagde roodstaart, buizerd, rode wouw, kraaien, torenvalk, mussen, Vlaamse gaai … Drie dagen lang een beetje maguy. Eens gaan kijken of ik de vos zie op zijn/haar favoriete pad. Bingo. Net voor zonsondergang denken: vandaag nog een reetje zou perfect zijn. Bingo. Denken een wolf te spotten om dan ongezien beslopen te worden door een vos – want dat was het. Vooropgezette gedachten en wensen laten varen, beseffen dat je in de natuur gewoonweg niks kan forceren. Dat de fotogelegenheden en wauw-momenten niet op bestelling komen. Om ze dan vijf minuten later toch heel intens te mogen beleven. Een beetje maguy voor al deze pracht is echt wel een understatement. De ruisende wind, de plenzende regenbui, het zonlicht dat als stadionverlichting door het bladerdek breekt: elk detail getuigde van een pracht die mijn verstand te boven gaat. Verbaasd zijn hoe geruisloos een reetje zich uit de voeten kan maken. Proeven van de blauwe bosbessen die net rijp beginnen worden. Op de top van een heuvel horen, zien en voelen hoe de wind aan kracht wint. De klauwen van een zich lancerende roofvogel bewonderen. Verbaasd zijn over de rijkdom van dit zomergroene bos dat zich pas laat kennen als je er rustig, heel rustig doorheen wandelt. Dit bos dat ik al zo vaak doorkruiste. Zonder er ooit iets levends te zien. Soms is het goed nergens te moeten zijn, geen bestemming in gedachten te hebben. Gewoon de zintuigen openzetten en zien, voelen, horen en ruiken wat er gebeurt.






















Plaats een reactie