Op een groot domein met een tiental chalets, 200 hectare secundair woud en 600 hectaren primair regenwoud was ik de enige gast. Al toen Hiner jr. me oppikte in La Pavona wist ik dat vertrokken was voor een bijzondere ervaring. Het had niet mooier kunnen worden: elke dag heerlijke ontbijtjes en maaltijden met natural juices van het eigen terrein (cas, papaya con limon, suikerriet, ananas, watermeloen), dagelijks een fantastische activiteit onder begeleiding van mijn gastheer annex persoonlijke gids die hier quasi opgroeide (2 maal een langere wandeling door het regenwoud, een excursie met de boot, een avondwandeling), slapen temidden van de jungle met zicht op het regenwoud (kamervullende vensterframes zonder ramen – de tropische stortbuien, de kreten van de howler monkeys, de wind doorheen de eeuwenoude bomen ….), de huisgecko, de ongelooflijke dieren-, vogel- en plantenpracht … Elke dag leerde ik iets bij, zag ik mijn ogen uit en liet ik me vooral helemaal doordringen van het voorrecht hier in deze omstandigheden te mogen verblijven. Hoe de ficus andere bomen kannibaliseert, hoe de almendro de montana ongelooflijk groot en stevig kan worden en zelfs evolueren tot gastheer van tientallen andere soorten (zoals de bromella), hoe de tapirs erin slaagden om ondanks de vele tientallen verse sporen onzichtbaar te blijven (en snelheden tot 40 km/u kunnen halen), hoe mieren ook letterlijk bruggen bouwen (door met enkele medestanders bladeren aan elkaar te klinken terwijl de colonne van duizenden collega’s druk bezig is het water te evacueren) … De etymologie van de monkey ladder, het stevige, bijna onverwoestbare web van de golden spider, de uitgeregende wandelingen, het gele slangetje, de tarantula, de kuifuil, de vele soorten kikkers (waaronder de befaamde roodoogboomkikker), de kaaimannen en groene reiger in het ‘kleine meer’, de drie soorten apen die er leven … De ervaringen die ik hier opdeed zullen me altijd vergezellen als een droom die werkelijkheid werd.

De vader van Hiner kocht het domein in 1989. Hiner sr. was een hardcore bosbouwer: hij kocht grote stukken bos om ze snel mogelijk te kappen en er ofwel snelgroeiende melina op te planten ofwel door te verkopen als grasland voor vee. Toen hij El Zota kocht, indertijd quasi onbereikbaar, veranderde er iets in hem en besloot hij dit waardevolle gebied te beschermen. Het resultaat is een absolute droom. Deze jungle mogen verkennen met iemand die bij bijna elk blaadje en elk teken van leven uitleg kon geven … Onvergetelijk en zonder meer het hoogtepunt van de reis. Eén advies voor wie het regenwoud wil verkennen: het zijn niet de puma’s of de tapirs waar je schrik voor moet hebben – zij gaan zich niet bezighouden met mensen. Hoed je voor de kleine dingen: de insecten, de slangen, de stekels op de boomstammen, giftige planten. Wat ik ook leerde: hoe ingenieus alles in de natuur met elkaar verbonden is, en hoe ieder levend wezen zijn of haar voordeel doet met en bijdraagt aan het ecosysteem.








Enkele hoogtepunten: de ondergronds levende miereneters die via kuiltjes in het zand hun slachtoffers in de val lokken (het opspuitende zand toen zo’n miertje erin viel!), de rijkdom aan reusachtige, vaak eeuwenoude bomen (de almendro de montana, de ceiba pentandra, de gavilan, de ficus – met de guanacaste als uitzondering, slechts 30 jaar oud en al een indrukwekkende reus van 40 meter), de dormilona (een plantje wiens bladeren als verdedingsreflex verschrompelen/in slaap vallen bij aanraking), het fenomeen van de walking palm tree die zich tijdens zijn leven tot 10 meter kan verplaatsen, het persen van vers suikerriet, de gele slang (bocaraca, oro pel), het lichtgevende mycelium, de crested owl, de vleermuizen die zich verschuilden onder grote bladeren … Ik denk dat ik er een levenslange fascinatie voor het regenwoud aan overhou én een voorliefde voor yuca.
























Geef een reactie op Costa Rica – Corcovado: bijna onnatuurlijk, zo’n weelde aan wildlife – een beetje maguy Reactie annuleren